Nieuws

Succesvol hoger beroep tegen Wav boete

Succesvol hoger beroep tegen Wav boete

Op 5 juli 2017 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State een belangrijke uitspraak gedaan. De rechters oordeelden dat de Minister van SZW aan een Roemeens aannemingsbedrijf in 2014 ten onrechte een boete heeft opgelegd voor overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).

Aanleiding

De Minister had na onderzoek van de Inspectie SZW (voorheen de Arbeidsinspectie) een boete van ruim € 700.000,-- opgelegd aan het bedrijf omdat er geen tewerkstellingsvergunning was afgegeven voor Roemenen die in 2013 in Nederland werkzaamheden hadden verricht aan een scheepscasco. Ook de hoofdaannemer, een Nederlandse scheepswerf, was om diezelfde reden beboet.

Verweer

Het aannemingsbedrijf, bijgestaan door mr. L. van der Wijngaart van ons kantoor, en de Nederlandse scheepswerf hebben het boetebesluit aangevochten.

Zij stelden zich onder meer op het standpunt – onder verwijzing naar de arresten ‘Vico Plus’ en ‘Martin Meat’ - dat geen tewerkstellingsvergunning was vereist, omdat sprake was van een overeenkomst tot aanneming van werk en niet van een overeenkomst die alleen tot doel had het ter beschikking stellen van arbeidskrachten. Met andere woorden: er was sprake van zuivere grensoverschrijdende dienstverlening, waarvoor geen tewerkstellingsvergunning is vereist.

Rechtbank

In dat standpunt werden zij door de Minister van SZW en de Rotterdamse rechtbank niet gevolgd.

Hoger Beroep

In hoger beroep echter, zette de Raad van State, de hoogste rechterlijke instantie in deze zaak, alsnog een streep door de boetes.

Overwegingen Raad van State

De rechters overwogen onder meer dat uit het boeterapport dat door de Inspectie SZW was opgemaakt, niet bleek dat de dienstverlening van de Roemeense onderaannemer uitsluitend tot doel had het ter beschikking stellen van haar werknemers aan de Nederlandse aannemer.

Het Roemeense aannemingsbedrijf had zelf, naast de aannemingsovereenkomst, tal van bewijsstukken overgelegd om te onderbouwen dat het verplaatsen van de Roemenen niet het uitsluitende doel was.

Zo was het Roemeense aannemingsbedrijf bijvoorbeeld ook verantwoordelijk voor productiefouten en bestond er een garantieverplichting. Indicatoren die goed passen bij aanneming van werk, maar niet bij rechtsverhoudingen waarbij alleen arbeidskrachten ter beschikking worden gesteld. Veel van deze ‘contra-indicatoren’ waren door de Minister overigens ook helemaal niet betwist.

Omdat de bewijslast van een overtreding volgens de rechters op de Minister rust, moest aan de beboete bedrijven het voordeel van de twijfel worden gegund.

Niet zinloos

Deze uitspraak is natuurlijk lang verwacht door de betrokken partijen, maar ook door juristen werd met belangstelling uitgekeken naar de beslissing van de Afdeling. De uitspraak onderstreept dat het aanvechten van een Wav-boete niet zonder meer zinloos is, zoals vaak wordt gedacht.

Waar verweren die waren gericht op de afwezigheid van verwijtbaarheid van een betrokkene doorgaans resoluut van tafel geveegd worden, kan wel degelijk winst behaald worden door de aandacht te vestigen op de contra-indicatoren in het kader van de criteria uit de arresten Vico Plus en Martin Meat.

Ook ten aanzien van de bewijsregels in het bestuursrecht is de uitspraak van de Raad van State bruikbaar voor de (juridische) praktijk. De uitspraak leert bijvoorbeeld dat het noodzakelijk is dat een tijdens het onderzoek van de Inspectie SZW afgelegde verklaring is ondertekend.

Lees hier ook het persbericht van de Raad van State over de uitspraken in deze twee zaken.

 

 

Gerelateerde artikelen

Rechtsgebieden

Ervaring in alle zaken waarmee ondernemers in aanraking komen.

Contact

Dubbelsteynlaan West 39
3319 EK Dordrecht

Postbus 9069
3301 AB Dordrecht

T: +31 (0)78 630 00 00
F: +31 (0)78 630 00 22
E: info@dekoningadvocaten.nl

Algemeen

Deze website gebruikt cookies om uw ervaring te personaliseren en uw websitegebruik te analyseren.